Reis naar italie-griekenland

In mei beleven we echte zomerse dagen. Binnenkort breekt de lange zomerperiode weer aan. De scholen gaan dicht, bedrijven pruttelen op halve kracht. Voor de vakantieganger breekt de gouden tijd aan. Alle toeristische bestemmingen staan weer volop te blinken en de rondhangende reiziger kan zich tegoed doen aan kunst, cultuur, zon en strand.


Dinsdag 7 juli

Op 5 juli zijn we vertrokken voor een reis door Italie en Griekenland. Na in twee dagen door Duitsland/Oostenrijk zijn gereden, komen we in Italie.

Niet veel later zijn we in Italië. We komen langs het Reschenmeer waar het blauwe water prachtig combineert met de grijze bergen met op de toppen sneeuw. De verdronken kerk staat nog altijd overeind met alleen de toren boven het water als gevolg van een aangelegd stuwmeer. In Prad am Stilfserjoch vinden we een mooie plek in de natuur. Het uitzicht op de besneeuwde bergtoppen geeft deze plek extra charme


Woensdag 8 juli

Ik stap gespannen de winkel binnen. Zitten de woorden nog goed in mijn hoofd. Gisteravond zijn Joke en ik de hele tijd aan het oefenen geweest. Met Google Translate continu aan. Als ik wat wilde zeggen, blokkeerden de woorden weer in mijn hoofd. Na wat zenuwachtig gerommel met de vertaler, leek het er toch nog redelijk uit te komen. Vlak voor het vertrek naar de telecom shop heeft mijn lief nog een paar belangrijke woorden nagevraagd, en ik wist ze allemaal op 1 na.

Twee heren kijken mij behulpzaam aan. 'Guten morgen, womit kan ich Ihnen hilfen?'. Ik kijk de vriendelijke bediende aan, alsof ik water zie branden. Maar dat is gewoon Duits, daar is geen woord Italiaans bij. Al mijn ingestudeerde one liners kunnen bij het oud vuil. In mijn beste Duits regel ik met de knaap een prepaid simkaart met onbeperkt internet voor 4 weken. Nadat ik de overeengekomen 40 euro heb betaald, verlaat ik de zaak kilo's lichter. Na twee kilometer lopen ben ik weer bij de camper. Enigszins bezweet, want het is warm in Merano, plof ik neer. Het is geregeld, zeg ik trots en de communicatie ging geweldig.

We vertrekken en rijden vlot langs Bozen en Trento. De Niesmann neemt een bocht naar links en rijdt een prachtige vallei in die uiteindelijk eindigt bij Padova. Maar zover gaan we vandaag nog niet. Nabij Villa Agnedo rijden we naar de beoogde nacht plek. Om daar te komen wacht een onmogelijk scherpe bocht naar links. Uitgerekend op dit kruispunt zijn wegwerkers volop bezig, wat de voorgenomen manoeuvre nog ingewikkelder maakt. Ik rij eerst een stukje rechtdoor om daar te keren. Joke voelt echter nattigheid. Zal ik eerst lopend de boel even verkennen? Na 50 jaar weet ik dat dit niet een vraag is maar een voorwaarde. Vervolgens stapt ze kwiek terug richting het kruispunt. Twee minuten later volgt het meedogenloze rapport. Onmogelijk, de plek is niet te bereiken en ligt vol puin. De uitkomst verrast me niet.

Kort daarop parkeren we bij optie 2. Een lege parkeerplaats bij een sportgebeuren in ruste. De eenzaamheid van de plek wordt regelmatig doorbroken. Hier staat ook een laadpunt voor EV's. De paar klanten staan een klein uur doelloos bij hun voertuig te wachten en dan is een praatje gauw gemaakt. Er komt een sportieve wagen aan gescheurd die met piepende banden tot stilstand komt. Vliegensvlug komt de stekker in het juiste gat. Omdat er vanaf dat moment een zee van tijd aanbreekt, vraag ik hem naar zijn haast. Ik moet even 20% bijladen meer niet, is het antwoord. Mijn vrouw staat op punt van bevallen, het ziekenhuis is nog 10 minuten vanhier, maar ik ben helemaal leeg. Als na twintig minuten de minimum laadstroom aanwezig is, gaat zijn telefoon. Een kerngezonde flinke zoon van 9 pond, stamelt hij. Als ik hem feliciteer, zie ik tranen in zijn ogen. Ik vraag maar niet of deze van vreugde zijn of verdriet

Een jonge moeder is getuige van dit voorval. Haar wagen staat inmiddels al drie kwartier aangeprikt. Ze houdt haar dreinende peuter zoet met een meegebrachte en goedgevulde zak met snoep. Ze hebben tegenwoordig ook auto's die rijden op vloeistof, zo begin ik mijn praatje. Ze kijkt me ongelovig aan. Ik wijs haar op onze camper en toon het vulgat. Een paar minuten en je kunt weer 1000 km verder. Haar ongeloof stijgt nog verder. Inmiddels zijn deze wagens ook wel in Italië te koop, zo ga ik verder . Ongeloof wordt enthousiasme. Dat ga ik vanavond met mijn man, die een belangrijke bestuursfunctie heeft bij de Italiaanse GroenLinks, bespreken. Terwijl het laatste snoepjes in het mondje van de jonge telg verdwijnt, koppelt ze de wagen af. Nog bedankt, roept ze me toe bij het wegrijden. Succes, zeg ik, maar niet zo hard dat ze het kan horen.


Donderdag 9 juli

We mogen weer verder rijden in de prachtige kloof. Indrukwekkende rots en berg partijen proberen bij ons de indruk te wekken dat er geen doorgang mogelijk is. De muur lijkt massief en ondoordringbaar. Maar de natuur is genadig geweest. Mee stromend water wijst ons de weg.

Ook de Italianen kennen de doorgang. Ze hebben voor het gemak een geasfalteerde weg aangelegd in de kloof. Omdat er toen nog een beetje ruimte over was, is er ook een spoorlijn naast gemaakt. Behalve wij, maken meer mensen dankbaar gebruik van deze ijver. Echt druk is het niet. Na een half uur gebeurt er iets wonderlijks. Terwijl ik druk bezig ben om de Nibi langs de scherpe rotsen te sturen, hoor ik plots Joke verrast roepen: ze zijn weg. Ongerust informeer ik voorzichtig wat we zijn kwijtgeraakt. Ze wijst naar voren. Ik snap er niets van, voor ons ligt een prachtig vlak land, al waren we in hartje Friesland. Dan valt het kwartje, de bergen zijn bij wijze van een donderslag ineens verdwenen, maar dan ook helemaal. Niet dat er nog een miezerig bergje voor wat napret zorgt.

In de spiegel zijn de reuzen nog te zien. Ongelovig tuur ik het veld rond. Andere automobilisten doen net of het heel normaal is, maar dat is logisch, die komen van hier. We stoppen in Cittadella om van de schrik te bekomen. Maar ook omdat dit een schitterend middeleeuws stadje is, wat nog volledig is ommuurd. Vier toegangspoorten laten gecontroleerd nieuwsgierigen toe. Eerst genieten we van de zelf gezette koffie. Dan trekken we er op uit. De schildwachters zijn er even niet als we door de noordelijke poort naar binnen glippen. Binnen bruist het. Op het centrale plein is de weekmarkt. De belangstelling is matig. Dat geldt niet voor de terrassen. Misschien drinken de kopers zich eerst even moed in.

We volgen een tijdje de indrukwekkende vestigings muur. Minstens een paar meter dik en met een hoogte van wel tien meter, moet deze in vervlogen tijden onneembaar zijn geweest. Deze streek beleeft een hittegolf, maar gek genoeg is niemand in paniek. De kleding is wat luchtiger en het tempo wat lager. Maar het leven gaat gewoon door. Niets wordt er afgelast. Net alsof het hier iedere zomer boven de dertig graden is(?). Als ik een voorbijganger vraag naar het geldende protocol, kijkt hij me onnozel aan, zo van waar heeft die het over.

Na de lunch toeren we weer verder naar het zuiden. Een plaats met de prachtige naam Piove de Sacco heeft onze belangstelling gewekt. Na aankomst komt de motorscooter naar buiten voor een bezoek aan de Lidl. De streling van de rijwind ondergaan we als een welkome verkoeling. Volgepropt zoeven we weer terug. Voor de rest van de dag blijven we onder de bomen om zo weinig mogelijk zweet te verspillen.


Vrijdag 10 juli

De missie gaat verder. De meter van de dieseltank staat laag. Op de route van vandaag wil ik langs een tankstation. Nu ben ik kritisch en let vooral op de prijs. Ander verschil heb ik nog nooit ervaren. Het is altijd starten en lopen. Onderweg spint de dieselmotor vervolgens van genoegen. Waar ik ook maar heb getankt en wat de prijs is geweest, mijn noeste krachtbron maakt het niet uit.

Nu heb ik een paar apps die me helpen om het meest geschikte (lees: de goedkoopste) tankstation te vinden. Het zoeken start ik in Fuel Flash. Daarbij vind ik de kaart optie het handigst. Ik speur de te rijden route af op buitenkansjes. De app helpt daarbij door de schappelijkste in de groene kleur te tonen. Duur is rood. De brandstof is in Italië redelijk aan de prijs. Deze varieert van 1.89 tot iets over de twee euro.

Het eerste baalmoment heb ik direct te pakken. Gisteravond veel groen op de kaart, nu overwegend oranje en rood. Ook hier variëren ze dus per dagdeel met de prijs. Als ik de moed bijna heb opgeven voor een koopje, valt mijn oog toch nog op een groen vakje. Daar betaal ik 1,89. Keurig aan de route.

Nu is het al dagen homeless met de navigatie systemen. Ik heb er gewoon teveel. De telefoon, Carpuride, de zenec-navi en dan wil de smartwatch ook nog een keer meedoen. Alles is via Bluetooth te verbinden en daar gaat het mis. De zenec is stabiel maar de rest is elke keer een verrassing. Nadat de route naar ons einddoel is ingevoerd in de zenec, wil ik de reis naar de pomp op de Carpuride invoeren. Geen reactie. Dan maar op de telefoon. Succes, maar nu valt de zenec weer uit. Die weer herstart, met als gevolg dat de telefoon op zwart gaat. Helemaal gestoord raak ik van die mysterieuze verbindingen.

We rijden. Bij het tankstation volgt een lastige oversteek, want deze zit uiteraard aan de linkerkant van de zeer drukke weg welke ik na uitvoegen in 1 keer moet oversteken. Dan kan alleen als van beide kanten geen verkeer komt. Na tien minuten ontstaat even een gat. Vol gas om te voorkomen dat we alsnog door een vrachtwagen worden geschept, weet ik de overzijde te halen. Vervolgens is de pomp gelimiteerd op honderd euro, zodat ik mijn voordeel niet maximaal kan uit nutten.

We staan in Mesola. Een mooi pleintje aan de buitenzijde van het dorp. Tegen een al volwassen maïsveld aangeklemd. Welgeteld 1 boom voor de schaduw, maar dat is in dit geval net genoeg. Het is een merkwaardig plaatsje. Vlakbij staat een kasteel, die er meer uitziet als een gloednieuw kantoorpand met hoektorens. Volgens mijn bron is het ding echt in de zestiende eeuw gebouwd, maar recent gerestaureerd.

We struinen nog even de kolossale kerk binnen maar deze is vrij sober en niet zo heerlijk koel. Een lange rij gesloten winkeltjes staan er troosteloos bij, behalve het cafe, waar warempel op het terras wat leven is. Een paar straten hebben een gezellige uitstraling met gekleurde huizen en een klassieke bouw. Terug onder de enige boom nemen we een koel drankje en duiken we weg in een boek


Zaterdag 11 juli

De route is nog steeds zuidwaarts. Mesola is een aardig plaatsje, maar niet 1 om lang te verblijven. Dus pakken we de boel weer in. De volgende stop is in Cervia gepland. Onderweg een koffiestop om de trip wat te onderbreken. Dat de kustweg van Italië zo druk is, hebben we niet bij stil gestaan. Dat laatste is ondertussen meer dan goed gekomen. Waar mij door m'n trouwe navigator drie kwartier is beloofd, is zowat in het dubbele uitgepakt. De doorgaande weg heeft zoveel opdringerige invoegers van zijwegen, dat we afwisselend stapvoets rijden of stil staan.

De koffie smaakt er niet minder om. Het laatste stuk kustweg naar de badplaats Cervia is ook niet bepaald een haast klus geworden. Een groot, met grind bedekt, terrein is aangewezen als camper standplaats. Er is zelfs een waterzuil en afvoerput. Maar de gestalde exemplaren zijn nu niet bepaald de absolute top in het markt segment. We zien gevallen staan, waar je met enige moeite een kampeerwagen in kunt herkennen. De onderkant lijkt nog het meest, de bovenkant bestaat uit alle los voor handen liggende materialen bijelkaar geraapt en vastgeplakt, waarschijnlijk om bij regen lekkage te voorkomen. Er naast staat een opzich nog heel herkenbaar wagentje, maar de vier lekke banden, vertellen mij dat de laatste rit al lange tijd terug is.

Twijfelend rijden we langzaam over het terrein. De plek is aan de buitenkant van de stad, is omzoomd met bomen, er zijn dus ook voordelen. Joke hakt de knoop door en dirigeert mij naar een plek aan de drukke weg, maar ver weg van onze zojuist benoemde campervrienden. Een paar grote bomen bieden als bonus flinke schaduw. Als we lui achterover in onze terrasstoelen hangen, maken we ook kennis met de bewoners van de surrogaat campers. Een broodmagere man komt met een luid spelende radio naar de verzorgingsplaats om hem zelf te verzorgen in plaats van zijn vieze bak. In zijn fantasie staat hij in een herenurinoir en laat een waarschijnlijk hoog nodige straal de vrije ruimte. Hij merkt niet op dat het de paal van een verkeersbord is en zijn toilet niet over wanden beschikt.

De zee trekt ons zijn kant op. Een kleine 500 meter lopen, brengt ons in een bebost duingebied, waar het heerlijk koel is. Daarachter moet de zee ergens zijn. Het enige wat wij zien is een woud aan strandbedden met of zonder parasol. Niet alle bedden worden gebruikt. Als we ons hier doorheen hebben geworsteld staan we plots op een klein reepje strand, direct gevolgd door de Adriatische Zee. Het is 1 grote brij aan zwemmers, pootje baders en drijvende luchtbedden. Voor de meeste geldt dat dit de topdagen van hun vakantie zijn. Wij rillen en huiveren bij de gedachte. Toch lopen we een tijdje langs de waterlijn, in en uitkomend mensenverkeer richting zee zoveel mogelijk ontwijkend.

Na een tijdje zijn we dol gedraaid en zoeken gauw het koele duinbos weer op. Ik investeer op de terugweg in heerlijk zacht en koud Italiaans ijs. Gelukkig wil Joke me helpen met het weglikken ervan, zodat ik er niet alleen voor sta.


Zondag 12 juli

Er bestaan hogere machten. Dat zeg ik niet zomaar. Pas als het overtuigende bewijs zich aandient, kan ik meegaan in een theorie. Wij staan, zoals gisteren verteld, in Cervia. Als de wijzers van de klok afgelopen nacht 24.00 uur zijn gepasseerd, kruipen wij moe, maar voldaan, onder de wol. Neem deze beeldspraak alsjeblieft niet te letterlijk, want als de binnentemperatuur nog meer dan 30 graden is, zou zoiets zeer slecht kunnen aflopen. Om even uit de school te klappen, wij trekken half over ons heen een licht linnen lakentje, die bij tijd en wijle ook nog wel eens wordt afgeworpen.

Cervia is een toeristen bolwerk. Ons hele parkeerterrein is in de loop van de avond helemaal vol gelopen met auto's van feestgangers. De eersten daarvan hebben net het plan opgevat om huiswaarts te gaan op het moment dat wij ons te ruste willen leggen. Het is warm, onze ramen staan open. Voordat ze instappen moet het hele feest nog even worden besproken en overgedaan. Leuke herinneringen gaan met luide lachsalvo's gepaard. Mooi voor hen, maar niet voor ons. Joke heeft haar slaap hard nodig, want een onwillige rugspier plaagt al dagen.

We hebben het zo'n beetje een half uur ondergaan als er plots van hogerhand wordt ingegrepen. Uit het niets steekt er plots een zware storm op. Maar dan ook echt zwaar. De camper staat te trillen op de stelpoten. Het flitst en rommelt, een paar losse regendruppels bereiken de aarde. Autodeuren klappen dicht. Lichtschijnsels verdwijnen met een brommend geluid. Even later gaat de wind liggen en is het doodstil op ons terrein. Ik hoor tot mijn tevredenheid een zacht snurkende echtgenote. Het komt goed.

Na het opstaan vertrekken we van deze onrustige plaats. Een korte rit brengt ons bij een gesloten archeologische opgraving. Ons doel is echter het mooi gelegen parkeerterrein ernaast. De Nibi komt schitterend in een schaduwrijke hoek te staan. Het verschil met gisteren is levensgroot. In de middag scooter ik naar Gradara. Een levend museum. Boven op een berg ligt dit middeleeuwse en ommuurde stadje er nog authentiek bij. Op de top van de berg bevindt zich een robuust kasteel, wat voorheen over de veiligheid van de inwoners waakte. Nu is het een toeristennest, een highlight in de omgeving. Maar heerlijk cultureel te bezoeken. Joke past op onze toerwagen. Haar pijnlijke rug dwingt haar, dit uitstapje te laten schieten. Gelukkig zijn de vele romannetjes nog lang niet uit.


Maandag 13 juli

Colombarone is lekker afgekoeld vannacht. Dat is heerlijk slapen. De haast is inmiddels totaal uit het reisschema geschrapt. Als we willen zouden we wel een week kunnen blijven staan. Tot nog toe hebben we zo'n plek nog niet gehad. Het is hier aardig, maar we willen ook wel weer verder, is de gedachte bij het opstaan.

Vanmorgen geven we ons zelfs extra tijd om een keus te maken. Blijven of gaan? Het is heerlijk koel onder de bomen naast de archeologie. De relax- fauteuils gaan naar buiten en met wat digitaal leesvoer in combinatie met zeer smakelijke koffie blijven we al ongewoon lang hangen. Wel is dit het gespreksonderwerp. Maar de overweging van koele en rustige plek moet het toch afleggen tegen lege koelkast en watertank, en volle tank met afvalwater. Maps verraadt binnen drie seconden waar de dichtstbijzijnde Lidl zich bevind en alsof dat al niet erg genoeg is, fluistert hij ook in waar een loospunt is.

Met enige tegenzin aanvaarden we onze opdracht. Even later begeven we ons weer in het drukke verkeer op de kustweg. Maar opstoppingen blijven uit. De Lidl's in Italië hebben altijd wel ruimte op hun parkeerterrein. Dat is even wennen voor ons, want in Spanje staat het altijd vol bij de grutter. Met een sierlijke beweging chauffeur ik de Nibi in twee autovakken. Niet veel later stoppen we de buit in de koel- en/of de provisiekast.

Omdat zowel Joke als ik ook wel eens wat meer in het binnenland willen kijken, kiezen we voor Petrione als onze tijdelijke verblijfplaats. De gemeente heeft door een volledig gratis camperplaats aangelegd met alle voorzieningen er op en eraan. Landschappelijk gaan we er meteen op vooruit. De omgeving wordt heuvelachtig waar bossen en gedorste graanvelden een wonderschone mozaïek voor ons neerleggen. De verkeersdrukte neemt af, zodat zelfs de bestuurder nu en dan een glimp naar buiten kan werpen. De laatste kilometer gaat nog even met flinke haarspeldbochten omhoog en dan bereiken we de mooie, goed voorziene, maar maagdelijk lege camperplaats.

Acht voertuigen zouden er kunnen staan. Maar de ondankbare camperaars willen alleen maar aan de kust staan en laten deze toch wel flinke investering ongemoeid. Nou ja, behalve wij dan. Een blik op de thermometer geeft een aanwijzing dat de andere camperbezitters misschien wel een punt hebben. Het is hier maar liefst vijf graden warmer! En dan zitten we hoog. Dat dit een serieus argument is merken we aan de middag besteding. De 36 graden is een passend excuus voor alle daadkracht. Het blijft bij stoelhangen, drinken en niets doen. Hooguit een beetje lezen. In totaal weet ik zo'n veertig meter rondom de camper te lopen om de boel een beetje te verkennen. Gelukkig biedt de avond wat meer koelte. Morgenochtend wacht weer de keus; blijven of vertrekken.


Dinsdag 14 juli

Langzaam ontwaak ik uit een mooie droom. Uit gewoonte draai ik me op mijn rug. M'n ogen knipperen tegen het daglicht, wat de ruimte binnendringt door het open gelaten gordijn voor de frisse lucht. Ik kijk tegen het grote witte vlak van het apparaat aan, wat boven mij tegen het plafond is gemonteerd. Ineens besef ik ten volle wat dat is: een airco. Nu heb ik al ruim tweehonderd keer de ogen geopend na een nachtje dutten in de camper, dus zo shocking hoeft dat niet te zijn. Maar deze ochtend is het anders, de situatie van nu is uniek. Als snelle denker heb ik ogenblikkelijk twee onderscheidende factoren erbij geplaatst; het is hier snikheet en we hebben gratis stroom bij de paal buiten.

Joke merkt mijn onrust en stelt vragen. Ik wijs naar de koelmachine boven ons hoofd. Oh, en we hebben gratis stroom, merkt ze direct op. Joke denkt altijd iets sneller dan ik. Deze ontnuchtering op de vroege ochtend heeft gevolgen voor de planning. Na de boterhammen begint mijn schattebout over een dagje langer staan. Haar argumenten zijn dat hitte ons niet deert met een airco en dat er behalve stroom, ook een waterkraan aan de servicepaal zit. Ze kan mooi een bescheiden wasje doen. Haastig denk ik na over tegenargumenten. Hoe ik ook pieker, er wil even niets zinnigs boven komen drijven. Ergens ben ik ook wel nieuwsgierig naar de prestaties van onze nog nooit gebruikte airco. Omdat mijn antwoord te lang uitblijft, is Joke's wens nu leidend.

Het wordt nog een dag Petriano, ondanks dat het hier 37 graden gaat worden. Als na verloop van de tijd de gesopte kledingstukken aan een primitieve noodlijn zijn gehangen, wordt het tijd voor het experiment. De temperatuur begint al weer hoog op te lopen, dus tijd voor tegenactie. Zorgvuldig sluit ik alle luiken en ramen. Ook na een checkronde blijkt dat alles nu potdicht zit. Buiten heb ik met de stroomkabel een verbinding aangelegd met de aangeboden 220 volt contactdoos. Met een berekende precieze stel ik de airco in op 22 graden en druk op 'on'. Vrij geruisloos begint het apparaat te zoemen. Ik voel een heerlijk koude lucht over me heen trekken. Ha, wij hebben een fris antwoord op de hoge buitentemperatuur. Buiten ga ik bij mijn lief onder de bomen zitten, waar een stevige bries zorgt voor een acceptabele situatie. Hij doet het, zeg ik glunderend.

Mijn woorden zijn nog niet weg ge-echood als ik het licht brommend geluid van de dakairco mis. Onderzoek wijst uit dat het ding is gestopt. Ergens heel diep van binnen had ik al deze vrees. Misnoegd kijk ik naar de stroompaal. Recreatief gebruik wordt vaak begrenst op 4 ampère. En dat is niet veel, zeker niet voor een machine die de binnentemperatuur van 38 graden moet terugbrengen naar 22. Kortom, de zekering is gesprongen. Omdat ik niet voor 1 gat ben te vangen, druk ik de schakelaar weer omhoog, stel de gewenste temperatuur bij naar 30 graden en druk weer op 'on'. Opnieuw vriendelijk gezoem, opnieuw een springende zekering. Driemaal is scheepsrecht doet mij het rondje nog eenmaal maken. Een tijdje horen we weer een zachte brom. Dan een klik, gevolgd door stilte. De desillusie moet van mijn gezicht af zijn te lezen. Langzaam moet ik ontwennen aan de gedachte van een gekoelde ruimte op deze snikhete dag.


Woensdag 15 juli

De aanhouder wint en krijgt loon naar werken. Nadat de zon achter de heuvels is verdwenen en de buitentemperatuur ietsje is gezakt, doe ik toch nog een vierde poging. De ruimte beperk ik tot het slaapvertrek door de tussendeur te sluiten. De airco op 30 en een voorzichtige 'on'. Het wonder geschied, het apparaat blijft zoemen. In twee stappen verlaag ik de temperatuur naar 25. Aan het eind van de avond hebben we een koele slaapkamer.

Na de koffie zijn we vanmorgen weer richting kust gegaan. Daar is het gewoon 4-5 graden koeler. Wel krijgen we weer een prachtig landschap te zien onderweg. Golvende heuvels, bekleed met diverse akkergewassen en bossages. De weg brengt ons er met soepele haarspeldbochten doorheen. Van verwondering rij ik langzaam door dit moois. Toegegeven, de kwaliteit van de weg is hiervoor ook een reden. In Fano heb ik een rustig pleintje bij een park uitgezocht voor halteplaats.

Als we koud staan is er bij Joke lichte paniek; de koelkast piept. Ze is geconditioneerd dat piepjes foute boel zijn. Wacht de omschakeling naar gas maar even af, is mijn kalmerend advies. Als ze het douche luikje wil openen, merkt ze dat 1 steunarm los zit.. Twee pechmomenten in een minuut tijd. Dit is niet een moment voor grapjes of iets dergelijks. Onderzoek van mij laat zien dat het asje pleitte is. Ook niet meer te vinden op de vloer. Maar geen groot probleem, met een schroefje is het zo (tijdelijk) verholpen. Inmiddels is de koelkast op gas overgeschakeld en terstond zijn de piepjes over. De kalmte keert weer terug. Plannen voor acute verkoop worden weer ingetrokken.

De motorscooter komt van stal. De reden om naar Fano te rijden is omdat er wat dingen geregeld moeten worden. Op vijfhonderd meter zien we de supermarkt staan, maar een spoorbaan zorgt ervoor dat het vijf kilometer brommen is. Ook willen we nog een brief posten, maar ja, daar moet wel een postzegel op. Geen winkel die dat nog verkoopt. In het centrum staat een postkantoor. Dat wordt een een gezamenlijk uitje. In het postkantoor wordt nog een flinke discussie gevoerd over de te plakken postzegel. Drie mensen houden zich er mee bezig. De personeelskosten overstijgen zo vele malen de waarde van de zegel. Maar ze komen eruit.

Daarna willen we wat dwalen door het historisch centrum. We dwalen wel, maar zien met name lege straten. Na wat heen en weer gekuier staan we plots op een levendige straat. Er wordt volop gewinkeld, er is een mini markt en een muziekbandje staat op het punt van los gaan. Een paar terrasstoelen vangen ons op. Met een koel drankje in de hand nemen we het Italiaanse stadsleven enige tijd waar. 's Avonds trekt er een onweersbui over de stad. Dat werkt net zo goed als een airco.


Donderdag 16 juli

Nog niets vermoedend van de dingen, die gaan komen, nestelen we ons heerlijk onder de boom om daar in alle rust van de ochtend koffie te genieten. Een vriendelijke opa, die z'n kleinkind leert, hoe je een hond uit moet laten, wenst ons een goede morgen en voegt daar iets Italiaans aan toe wat Joke meteen wist te vertalen in 'Welkom in Italië'. Zo'n talenknobbel maakt Google Translate helemaal overbodig.

We beginnen aan de dag etappe en komen prachtig langs de kust te rijden. Mijn ogen gaan echter frekwent naar het rode accu-lampje. Het gedonder met dat lampje, waar we de laatste weken in Spanje ook al last van hadden, begint weer opnieuw. De laatste dagen brandt het onding weer regelmatig en dat klopt niet. De reis duurt maar een goed halfuur, maar al die tijd is het waarschuwingslampje niet uit geweest. Vrees voor verergering en een beetje uit voorzorg, bedenk ik me dat er hier in Italië veel deskundigheid moet zitten over een Fiat Ducato motor en toebehoren.

Mijn assistent in zulke zaken geeft meteen acte de presence. Ze beveelt me een garage in Mondolfo aan, op slechts zeven kilometer afstand. Ik krijg keurig adres en telefoonnummer aangereikt. Bellen gaat een beetje stroef in verband met mijn slechte Italiaans en hun slechte Engels maar de afspraak wordt gemaakt. Om half drie is de pauze voorbij en kunnen ze wel even kijken. Zo rond deze tijd meldt ik mij bij de bewuste garage. De chef spreekt anderhalf woord Engels, maar ik slaag er desondanks in hem kundig te maken van het probleem. Momento!, hij begint driftig te typen. In de veronderstelling dat ik een Duitser ben, laat hij me in deze taal zijn in het Italiaans getypte essay lezen. Vrij vertaald, we hebben geen tijd voor u. Voorzichtig informeer ik naar collega-bedrijven met misschien iets meer tijd. Het lukt; ik krijg een adres.

We verplaatsen ons voertuig richting het opgegeven adres. Helaas pakt de navigatie de toevoeging 'B' niet in de adresinvoer, zodat we een paar keer fout zitten, maar we komen aan. Vriendelijke mensen, slecht in Engels, doen hun uiterste best om mij te begrijpen. Er wordt wat heen en weer gelopen, een monteur kijkt drie tellen onder de motorkap en vervolgens komt een keurig gekleed persoon mij vertellen dat hij heeft gebeld met een garage in Mondolfo en die kunnen op basis van hun kennis veel beter het probleem analyseren. Hij geeft naam en adres en, ja hoor, dezelfde waar we vandaan komen. Maar goed er is gebeld, en de verteller lijkt heel overtuigd van zichzelf.

We rijden terug naar de eerste garage. Dezelfde chef zit nog steeds strak achter z'n bureau, ziet mij komen en toont weinig enthousiasme. Ik voel nattigheid. Het gesprek komt niet opgang, hij weet niets van een telefoontje en probeert mij iets te laten inspreken in zijn toestel. Het mislukt. Ik probeer met mijn smartphone een beetje communicatie op gang te brengen, maar het ding levert geen gesproken tekst. (Achteraf blijkt deze op 'niet storen' te staan) Nu krijg ik geen enkele aandacht meer. Dit is onbegonnen werk. Ik groet en vertrek. Wij rijden naar een veldje en parkeren daar. De dag is om en ik voel me enigszins bij de neus genomen. Wordt zondermeer vervolgt.


Vrijdag 17 juli

Voor het veld waar we opstaan moeten we 7 euro stageld betalen. Dat is per dag. De nieuwe dag begint voor deze uitbater om 9.00 uur. Voor die tijd behoor je het terrein te hebben verlaten, anders ben je weer stageld verschuldigd. We redden dat op een kwartier na. Maar Italianen zijn soepel.

Zodra ik weer rij, hou ik mijn controlelampje in de gaten. Opnieuw brandt deze constant rood. Het is geen lange rit naar Marina di Rocca Priora. Bijna op de plaats van bestemming gaat er nog een rood lampje aan op het dashboard. Gezellig! Het nieuwe talent betreft de stuurbekrachtiging, dat wil zeggen het lampje geeft aan dat deze op het punt van uitvallen staat. Gisteren heb ik uitvoerig met mijn assistent over de situatie gesproken en een ding waarvoor ze waarschuwde is een zwakker wordende startaccu, waardoor meer zaken gaan uitvallen. De stuurondersteuning is daar dus 1 van.

De waarschuwing komt hard binnen. Er zal nu echt iets moeten gebeuren. In een gesprek met Joke hierover is de ANWB al eens ter sprake gekomen. We zijn lid, zelfs voor het buitenland en ook niet onbelangrijk ook voor de camper. Nadat ik tevergeefs heb geprobeerd mijn jarige broer in Denemarken te bellen om onze felicitaties over te brengen, ik krijg op zijn nummer iemand uit Egypte aan de lijn(?), voer ik in de wegenwacht-app ons probleem in. De eerste vraag is of ik veilig sta. Jammer dat het niet mogelijk is om een foto te uploaden, dan hadden ze onze camper op het strand zien staan bij een prachtige blauwe zee. Veiliger kan bijna niet.

Aan het eind van de invoer krijg ik het verzoek op de belknop te drukken, want het wordt te complex. Ik doe braaf wat van me verlangt wordt en krijg een uiterst vriendelijk medewerker aan de lijn. Ook dit soort pechgevallen vallen gewoon onder de voorwaarden. Hij gaat zorgen dat iemand van de Italiaanse wegencentrale naar ons toekomt. Mocht deze na twee uur er nog niet zijn geweest, mocht ik weer contact opnemen. Na twee uur en drie kwartier vind ik dat de tijd om is en bel opnieuw de ANWB. Ze overtuigen mij nogmaals dat er respons is, en ik nog wat geduld moet opbrengen. Heb ik na een uur nog niets gezien, kan ik opnieuw hen verwittigen.

Na anderhalf uur zegt Joke dat het vandaag waarschijnlijk niet meer gaat lukken. Enigszins teleurgesteld pak ik mijn mobiel. Nog voordat ik de eerste toets kan aantikken, stopt er een auto met een jongeman erin. De hulpdienst. Opnieuw worden we uiterst vriendelijk tegemoet getreden. Na wat heen en weer gepraat in goed verstaanbaar Engels en het opnemen van enkele gegevens, maakt hij terplaatse een afspraak met een garage vlakbij de plek waar we staan. Die gaan alvast een dynamo en distributieriem bestellen, omdat deze maandag in de loop van de dag worden bezorgd, mag ik mij daar met de camper dinsdag om half negen melden.

De hele aanpak voelt goed. Dit hadden we nodig. Uiteraard wordt er voordat er wordt gesleuteld een diagnose gesteld. Maar vanuit een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid wordt dit traject voorgesteld. Het is nu vrijdag. We staan dus nu verplicht drie dagen op het strand bij de zee de tijd af te wachten. Het kon beroerder treffen.


Zaterdag 18 juli

Men heeft ons ernstig gewaarschuwd. We hebben deze echter in de wind geslagen. De reviews van ons paradijselijke plekje zijn niet mals. Het geval wil dat direct grenzend aan het terrein er een dubbelspoor ligt. Bepaalde momenten overdag passeren er inderdaad veel treinen, waarvan sommige met het geluid van een straaljager langskomen. Andere zijn weer stukken milder. Het lijkt er op dat de Italiaanse spoorwegen al hun materiaal een tijd heen en weer langs onze camper willen laten scheuren.

Maar goed, dat is overdag. De reviewers bedoelen de nacht. Dit zou de hele nacht doorgaan, zodat het onmogelijk is om ook maar even in te dutten. Best spannend als je dan tegen twaalven de sponde opzoekt. Eenmaal horen wij een transport van goederen voorbij denderen, maar dan liggen we amper. Daarna rust. Geen trein heeft het nog aangedurfd om de stilte te verstoren. Wij hebben ze niet gehoord in ieder geval. Bij het licht worden de volgende ochtend beginnen ze weer te rijden, maar de passage langs de Nibi gaat heel beheerst. Onze conclusie is dat de bangmakers met hun berichten hier helemaal niet geslapen hebben, maar leed onder de eigen vrees door weer weg te gaan. Of ze lagen 's avonds al om negen uur in bed.

Ons wacht een heerlijk ontspannen dag. We blijven op stee. Dat het zaterdag is, ontgaat de Italiaanse bevolking niet. In aanmerkelijke grotere drommen komen ze op de strandplek af in vergelijking met gisteren. Zo valt er veel vermakelijks te zien. Een echtpaar op leeftijd komt aanrijden. Zij stapt uit en gaat met de armen over elkaar staan wachten. Meneer ijvert zich met het openen van de achterklep waar een stoel en parasol in razend tempo uit worden gehaald. De stoel wordt achter de eega geplaatst zodat ze kan gaan zitten. De parasol wordt boven haar in positie gebracht, zodat het gevaar voor een zonnesteek is geneutraliseerd.

Ook de tweede en derde zonnescherm zijn voor de dame. De zon draait en het zo is het zeker dat ze altijd schaduw zal ervaren. Het vierde scherm is voor de hond. Het zweet wordt van het voorhoofd gewist en dan gaat pa met lakens aan de slag. Drie stuks in totaal. De opzet is deze over de bolide te hangen, waardoor de wagen, na afloop van de sessie, weer enigszins koel kan worden betreden. Het is geen gemakkelijke klus doordat een stevige zomerbries er het behagen in heeft om de lakens weer terug te leggen waar hij ze met veel moeite net vandaan heeft gehaald. Mevrouw kijkt toe en geeft af en toe commentaar. Als laatste komt de koelbox tevoorschijn, waaruit de lady als eerste het een en ander krijgt aangeboden.

Zelf dwalen we ook heerlijk over het grindstrand. Overal in het water beweegt wat. Soms lijkt het op zwemmen. Veel drijfvermogen wordt toegevoegd, zodat het heerlijk dobberen is. Bij de ruim eenendertig graden wil ikzelf ook even plonsen. Drijfnat kom ik weer boven. Een stranddouche weet wel raad met het aangeplakte zoute water. Met een koel drankje in de hand zoek ik het gezelschap van mijn lief weer op. Zij heeft last van haar ogen en ook de rug is nog niet de oude. Hierdoor geeft ze de voorkeur eraan om droog te blijven.


Zondag 19 juli

Als bewakers van de strandparkeerplaats krijgen wij aardig zicht op de patronen van de badgasten populatie. Grofmazig vallen deze in drie groepen te verdelen. De eerste laat zich het best omschrijven als de ochtendploeg. De overige twee kun je in navolging dan als meest ideaal de middagploeg en de avondploeg omschrijven. In theorie is er voor iedereen plaats. Hiermee bedoel ik dan een parkeerplaats op het ons inmiddels behoorlijk bekende terrein. Vandaag neem ik jullie mee in de praktijk.

De eerstaankomenden van de ochtendploeg hebben geen enkel probleem. Dan hebben we het over de echte puristen, die al om 7.00 uur hun vervoermiddel breeduit kunnen neerzetten waar ze maar willen. Nu komt het voor, en daar is vandaag een voorbeeld van, dat er teveel inschrijvingen zijn voor de liefhebbers van dit dagdeel. Dan raken de gangbare plekken al gauw vol. Een familie heeft zich verslapen, of zich te laat gerealiseerd dat de ochtend al begonnen is, komt pas aan als alles al vol staat. Dankbaar zien ze nog een lege plek. Vreemd, moeten ze gedacht hebben, dat daar niemand staat. Lekker ruim en het dichtst bij de zee.

Vanaf 11.30 uur begint de wisseling op gang te komen. De vroege vogels vertrekken en haastige middagliefhebbers melden zich al. Even is het weer druk voor de camper. De eerder genoemde laatkomers willen ook weer naar huis. Als iedereen de riem weer vast heeft, geeft moeders vol gas om achterwaarts te gaan. De terreinwinst valt echter enorm tegen. Eigenlijk is er geen winst. Wel lijkt vanaf onze positie de wagen wat veranderd te zijn in een lager model. Consternatie alom. Veel badgasten, weinigen die zin hebben om een auto die tot zijn assen in het grind staat weg te duwen. Gelet op de 32 graden valt daar ook iets voor te zeggen. Een van de ongelukkige familie belt met de Italiaanse ANWB. Ze zijn tenslotte lid. Een klein uurtje later verschijnt er een grote Iveco-vrachtwagen met kraan en lier. Tegen zulk geweld is de geniepige grindbak niet opgewassen. Ietsje later dan gepland rijdt ook de laatste ochtendganger even later naar huis.

De belangstelling voor de middagsessie uitis ook enorm. Het parkeerterrein heeft veel plekken waarvoor je creatief moet zijn om ze te zien. Iedereen houdt zich aan de ongeschreven regel, dat je niemand klem mag zetten. Slechts 1 iemand staat daar even niet bij stil. Een tijd lang zien we de patstelling voortduren. Maar dan komt er leven in de brouwerij. Een oudere mevrouw is het slachtoffer. Ze is klaar met zonnebaden en wil naar huis. Ze overziet haar hopeloze uitgangspositie en stapt resoluut terug naar de waterlijn. In heldere en niets mis te verstane woorden maakt ze behalve aan de strandgangers, ook aan het halve dorp bekend dat ze te weinig ruimte heeft om weg te komen omdat (en dan wordt kleur en type auto genoemd) het heeft behaagd haar uitgang te blokkeren. Het helpt. Vanaf afstand lijkt het een fikse ruzie met de aangewezen chauffeuse, maar bij Italianen weet je het nooit.

Een gezin met jonge kinderen wil ook naar huis. Maar pa laat op het moment van instappen zijn uit de kluiten gewassen hondebeest los. Nu wordt weer eens aangetoond hoe belangrijk het volgen van een hondecursus is, als je zo'n mormel aanschaft. Bij dit gezin was daar geen geld voor, of zoiets. Voor onze ogen zien we de onmacht van het baasje. Kwaad of gespeeld lief roepen, het blijkt nutteloos. De hond heeft er duidelijk behagen om verstoppertje te spelen in het woud van geparkeerde auto's. Na een kwartier lukt het dan toch, de feitelijke vangst speelt zich buiten ons gezichtsveld af, maar een geërgerde huisvader drukt de ontsnapte viervoeter in de auto en vertrekt iets gehaaster dan normaal. De rest van de doorgaande voorstelling op de parkeerplaats zal ik jullie besparen.


Maandag 20 juli

Ons huisarrest zit er bijna op. Voor de vierde dag op rij staan wij voor de uitdaging er weer wat van te maken in afwachting op een hopelijke succesvolle reparatie. Vandaag gaan de benodigde onderdelen op transport en worden bij de garage afgeleverd, waar ik mij morgenvroeg kan melden met de patiënt. Op ons mooie stukje strand is de rust weer teruggekeerd. De beide weekenddagen hebben we de Italianen beter mogen leren kennen. Niet altijd in hun voordeel.

We nestelen ons gewoonte getrouw in de schaduw van de camper en een stukje luifel. Het terrein blijft maagdelijk leeg op 1 ongevallen fiets na. Het ruisen van de zee komt in deze stilte pas goed tot z'n recht. Hier door heen praten is een ernstige zonde. De vers gezette koffie maakt het moment compleet. Geen grote slok, maar een bescheiden nipje is een harmoniserende handeling, waarvan de uitwerking gelijk staat aan de meest gelukzalige gevoelens van een mens.

Langzaam komt een meneer dichterbij. Een groot schepnet hangt over zijn schouder. Een grote plastic zak, waar ook Nederlandse huisvrouwen voorheen de boodschappen mee naar huis namen tot aan de inquisitie, bungelt in zijn andere hand. Hij hoort bij de gevallen fiets. Met de nodige behendigheid zet hij het rijwiel weer terug in de arbeidsstand en komt onze kant op. Bongiorno, klinkt het uiterst vriendelijk. Wij groeten terug in soort gelijke bewoording.

Het gesprek wat volgt is geheel in het Italiaans, uitgezonderd een paar Engelse woorden. Hij is wel eens in Nederland geweest en wel in de stad Groningen. Dit is opzich al hoogst opmerkelijk, want de meeste buitenlanders die we ontmoeten en die weleens in 'Hollanda' zijn geweest noemen steevast Amsterdam. Dan begint hij in de bolle plastic buidel iets te zoeken. Hier verduidelijkt zo'n Engels woord zijn bedoeling, want hij begeleidt het doorzoeken van de tas met het woord 'souvenir'.

De hand komt weer tevoorschijn met daarin een kleine zeester. Ik zeg klein omdat ik denk dat ze er ook wel groter zijn, maar dat weet ik niet zeker. Het beestje maakt deel uit van zijn vangst vanmorgen, maar wij mogen deze van hem hebben als aandenken aan Marina di Rocca Priora. Het is altijd genieten wanneer je zulke innemende persoonlijkheden ontmoet. Het sterretje moet de hele dag in de zon liggen, zodat het volledig uitgedroogd ons op verdere reizen kan vergezellen. Het afscheid van de ochtendvisser is heel hartelijk.

De rest van de dag weten we ook goed door te komen. Ons motortje brengt ons in een dorp verderop, waar we bij de bekende grutter wat boodschappen inslaan. Een tweede rit maak ik solo, samen met het vertrouwde tonnetje. In de namiddag worden we weer getrakteerd op bijzondere voorvallen. Opnieuw was een strandbezoeker te enthousiast bij het zien van de zee. Op dit terrein moet je tijdig stoppen, hebben we gisteren gedemonstreerd gekregen. Veel gasgeven blijkt ook nu niet de remedie. Twee potige kerels helpen de man uiteindelijk uit zijn lijden en duwen het wagentje met vereende kracht uit de grindbak. Het slotakkoord komt ditmaal van een bestuurder die z'n achteruitrij-kwaliteiten te hoog inschat. Dit gaat ten koste van de bumper en de zijflank van een onschuldige auto die op dat moment op de verkeerde plek stond.


Dinsdag 21 juli

Vier dagen na de afspraak vertrekken we richtting garage. Niet zomaar een huis, tuin en keuken werkplaatsje, wij gaan naar een Iveco bedrijf. Hier worden veertigtonners gerepareerd, hier staan autoliften die complete vrachtwagens huffen, hier zijn de werkhallen bijna 150 meter lang. Hier werken top technici aan wie we ons troetelkind kunnen toe vertrouwen. We jagen onszelf een uur eerder dan normaal uit bed. Half negen stipt staan we voor de deur. In de grote hallen kan ik mezelf nauwelijks meer terugvinden, geen wonder dat ik de werkhoek van de planner tot driemaal toe over het hoofd zie. Hij weet van de afspraak, als ik mij bekend maak.

Vanmorgen is het nog erg druk, het komt beter uit om twee uur in de middag. Ik knik beleefd. De hoop om verlost te worden van dat elektroprobleem wordt nog meer op de proef gesteld. Aan een pracht plek bij strand en zee parkeer ik de camper voor een paar uur. Het rode lampje lijkt me grijnzend aan te kijken. Gelukkig weet ik het te negeren. Zenuwachtig doden we de tijd met over de prachtige lichtblauwe zee te turen, wat informatie uit de social media te halen en het wegwerken van een paar boterhammen. Dan is het tijd voor de finale. Nu grijns ik naar het rode pitje, en denk 'nog even vriend'.

De reiswagen mag naar binnen en vier monteurs staan klaar om het euvel voorgoed te laten verdwijnen. Wij worden meegeloodst naar de administratieve afdeling. Het invoeren van de gegevens valt niet mee als je Italiaanse bent en je wilt van die oernederlandse woorden intypen. Samen komen we er uit. Het gastenverblijf of te wel de wachtkamer is de plek waar ze ons naar toe verwijst. Een kop koffie slaan we niet af. Het apparaat kreunt en steunt . Ik krijg als eerste het voortgebrachte product. Ze overhandigt mij een vingerhoedje van karton. Deze is net niet tot de helft gevuld met een gitzwart goedje. Ook Joke wordt niet vergeten. Het eerste kleine slokje onderstreept de gedachte dat wij een hele 12 liter pot kunnen trekken van de hoeveelheid cafeïne die zich in deze voorzichtige terug bevindt. Het wordt donker buiten. Een rollende donder verduidelijkt de bedoeling. Even zitten we in de impasse.

Vervolgens ontwikkelt zich een noodweer, waar de KNMi geen kleur meer voor handen heeft. Stromende regen en een gierende wind veranderen het liefelijke Middellandse Zee klimaat in no time in een zware orkaan. Het zicht valt totaal weg, materialen die zo pas nog veilig op de grond lagen, zien we nu hoog in de lucht. Het noodweer houdt minstens een half uur aan. Als de boel is gekalmeerd, neem ik buiten een kijkje. Een goederentrein komt langzaam tot stilstand. Als ik de spoorbaan aftuur zie ik een groot stuk materiaal in de bovenleiding hangen. De draden komen wat ingewikkeld over. Na anderhalf uur komt de chef ons opzoeken met de mededeling dat de klus is gefikst. Translate zorgt voor een vlotlopend gesprek.

We betalen en mogen wegrijden. Twee paar ogen staan op het accu-lampje gericht. Zelfs niet een lichte flikkering. De dynamo is vervangen. Deze blijkt de boosdoener zijn geweest al sinds onze laatste weken in Spanje. Een half uur zuidelijker vinden we een pracht plek op het dorpsplein van Calle Lauro. Vanaf de hooggelegen positie kijken we kilometers het dal in.


Woensdag 22 juli

Wij beiden zijn in een gat gevallen. Hoe ziet het leven er uit als we ons niet druk hoeven te maken over een rood lampje op het dashboard. Het is zoeken naar een nieuwe levensbestemming. Joke is er vrij rustig onder. Dit soort momenten kan zij goed handelen. Ik kan daar jaloers op zijn, want bij mij is dat wat complexer. Nu ben ik geen psycholoog, maar ik ben bang dat ik een tick heb ontwikkeld. Tijdens het rijden schieten mijn ogen steeds naar de plek, waar de waarschuwingslampjes zitten. Er zit geen vast patroon in. Nu weet ik niet of dat een goed of een slecht teken is. Ergens denk ik eraan professionele hulp te zoeken, maar dan moet ik eerst aan mijn Italiaans werken.

Volgens Joke ben ik goed bezig mijzelf weer onder controle te krijgen. Zo ben ik helemaal uit mijzelf vanmorgen naar een golfbaan gereden, die slechts op twee kilometer van onze nachtplaats af ligt. Even heerlijk een balletje of 50 de vrije wereld inschieten op de driving range, om daarna uiterst geconcentreerd een aantal putts te maken van verschillende lengtes. Als herboren kom ik weer terug bij de camper. Voor vandaag heb ik weer vertrouwen.

De ss16 is een hele lange weg langs de oostkust van Italië. Het is onze leidraad op weg naar Brindisi. Het stuk waar we nu doorrijden is een lang lint van bebouwing, kilometers lang. Zo nu en dan staat er ergens een plaatsnaambord tussen de huizen. We nemen aan dat we dan het volgende dorp zijn binnengereden. Het is saai en boeiend tegelijk. Soms wipt er even een weiland tussendoor, maar dan weer alleen maar huizen. In Marina Palmensa stoppen we ermee. Een ruim grasveld vlak bij de kust biedt de gelegenheid voor een heerlijke ontspannen nachtstop.

We wandelen een heel eind langs de kust. Het geluid van de branding blijft een van de mooiste auditieve strelingen. Hier en daar huizen badgasten. Een parasol geeft aan welk stuk strand hen toebehoort. Alleen handdoeken eronder betekent dat de bewoners in de zee drijven. Hier en daar is een strandtent waar een paar klanten hun best doen om de eigenaar aan enige omzet te helpen. Zelf doe ik ook een duit in het zakje. Twee bollen Italiaans ijs met de smaken pistache en lemoen. De buitentemperatuur dwingt mij met tempo maken bij het verorberen.

Enige zorg ontstaat bij ons over de ontspanning, die we hier verwachten. Al gauw bemerken we dat de dubbele spoorlijn ook hier vlakbij ligt. De spoorweg loopt langs de hele kust van noord tot zuid. Soms slechts op luttele meters van de zee. Het is een blijvende plaag voor de toeristenindustrie. Iedere strandtent, kustcamping en boulevard wordt overstemt met langs denderende treinen.

Iets wat zonodig voor een nog ergere verstoring van onze vakantierust gaat zorgen is het festival. Tijdens de strandloop begrijpen we plotsklaps de vele affiches. Op een steenworp van onze positie is een grote tent op een omheind terrein. De kassa poorten zijn al bemand, maar het is niet druk. Een behoorlijke installatie speelt nu al vrij luid eentonige rapmuziek. Vanavond gaan de registers echt open bij diverse live-artiesten. Dat het daar druk gaan worden merken we op ons grasveld als het avond is geworden. Festivalgangers parkeren er hun auto's. In korte tijd staan we helemaal ingebouwd. Om middernacht of nog later gaat dit ook weer toeterend en gassend naar huis. Ik zie mijn hoognodig rustmoment helemaal in het water vallen.


Donderdag 23 juli

Niet alle dagen hebben een gouden randje. De dag start op ons ruime en rustige veldje. De ochtend koffie genieten we in de schaduw van de camper met een heerlijk zomerbriesje vanaf de zee. De reiswagen wordt gestart. Voor ons liggen slechts zeventig kilometer, maar de navi heeft daarvoor twee uur reistijd berekend. Huh, 35 km per uur? De beoogde route kent een inrij verbod. Een kleine kilometer omrijden, het eerste vege teken.

Langs de kust is een nimmer ophoudende bebouwing. Onze route loopt door centra en populaire strandwegen. Het eerste levert stoplichten op, die een ernstige voorkeur voor rood hebben, het tweede is een soort spitsroeden lopen. De weg is bezaaid met verkeersdrempels en de zebrapaden kennen een continue stroom badgasten. En ja, ze hebben voorrang. Om 35 kilometer te halen in een uur wordt nog een hele uitdaging. Met enige(?) vertraging bereiken we ons potentiële einddoel. Een groene stip in de camperatlas. Vrij parkeren met alle gemakken bij de hand. De gemakken zijn dik in orde. We lozen alle kleuren water en laten de tank weer barstens vollopen met het zachte Italiaanse drinkwater.

Tijdens de lunch, die we op de bijbehorende parkeerplaats nuttigen, concluderen we dat deze geïsoleerde plaat asfalt niet past bij onze wensen. Laten we verderop kijken naar een leukere plek, is mijn voorstel. Joke is gelijk voor. Zo komt het, dat we na twee uur stapvoets rijden, ons weer in de trage stroom auto's op de ss16 mengen. Het beoogde paradijsje ligt gelukkig niet te ver weg, zodat mijn geduld niet erg op de proef zal worden gesteld. Al snel zijn we terplekke. Op de rotonde neem ik de derde afslag in rij richting kust. In Italië moet je dan altijd het spoor passeren. De onderdoorgang biedt ruimte voor voertuigen met een maximale hoogte van 2.60 meter.

Ik keer de camper op een kruising. Na een kilometer komt kans twee. Nu mag alles tot 4.50 passeren. We prijzen ons gelukkig. Na twee bochten is het nog 100 meter. Voor mij ligt een laantje van nog geen twee meter breed, waar de overhangende takken van de bomen kunnen worden aangeraakt door kinderen uit groep 4. Het tweede einddoel wordt doorgestreept. Voor de grotere stad Pescara zijn er eigenlijk geen mogelijkheden meer voor aangenaam verpozen met een acht meter bak. We plannen een traject wat ons om de stad leidt. De diesel is bijna op en door Trump zijn fratsen zien we de prijzen ook hier dagelijks oplopen. Een station met een prijs van 2,05 pl is nu onze tussenstop.

Nadat we Pescara zijn gepasseerd mag ik afslaan. Direct tegen de grote rotonde zien we een aanbieding van dezelfde prijs, maar door een soort van hypnose rij ik door naar mijn keuze. Het infobord toont 2,07. Dat waren we niet afgesproken! Ik keer principieel de camper en rij terug naar de grote rotonde. Alleen zonder navi en dat in een drukke stad. Bij de tweede rotonde gaat het dan ook fout. Joke merkt op dat de weg haar niet bekend voorkomt. Mij eigenlijk ook niet. In de verte nadert een tunnel. Duidelijk, ik zit fout. Nadat de navi wel is ingeschakeld komen we bij het grote tankstation aan de rotonde. Ook deze keer slaat de pomp bij honderd euro af. Verdorie, weer op rantsoen. Lang niet vol meld ik me bij de LPG-zuil. Deze is bediend. No gaz for camper, stottert de beste man in z'n beste Engels. De gasflessen zullen het nog een poosje moeten volhouden, dus.

In Ortona heb ik mijn laatste hoop gevestigd voor een nachtplekje. De eerste blijkt helemaal niks, dan naar de tweede. Een groot plein voor een voetbalstadion en aan een drukke weg. Joke hakt de knoop door. We blijven toch maar staan.


Vrijdag 24 juli

Sommige dagen in het jaar zijn speciaal. Zo zijn er dagen waarmee een heel land iets heeft, bijvoorbeeld 5 mei. Soms zelfs een groot deel van de wereld, zoals 25 december. Vandaag is een gedenkwaardige dag voor Joke en mij. Al heel lang zijn we bijelkaar en op 24 juli 75 zijn we getrouwd, op de kop af 51 jaar vandaag. Vanaf het moment van wakker worden voelt het al anders. Zelfs de zon straalt op een manier, die je niet op normale dagen ziet. Dit kan trouwens verbeelding van mij zijn, hoor.

Als er wat te vieren valt, zo is mijn grond gedachte, dan hoort daar een stuk gebak bij. De dagplanning wordt erop ingesteld. Nu kent de plek op een plein voor een voetbalstadion weinig romantiek. We vertrekken dan ook zo snel mogelijk. Voordat het ochtend ritueel met een drankje, getrokken uit koffiebonen, begint, heb ik een bezoek aan de Lidl opgenomen in de reisroute. Het gebak kan niet vers genoeg zijn. Het is nog wel even doorrijden, maar na een klein uur draaien we het terrein op. Verheugd huppel ik naar binnen, Joke volgt op een paar meter. Terwijl zij begint met noodzakelijke waar in de kar te plaatsen, speur ik de bakkers afdeling af op zacht, romige en zoete baksels, afgetoefd met een flinke portie slagroom.

Als ik meeste uitstallingen heb gehad, bekruipt me een onbehaaglijk gevoel. Enigszins gehaast speur ik de laatste twee af. Onbehagen dreigt over te slaan in teleurstelling. De winkel is groot, er gaan nog vele rijen met stellingen volgen. Met deze gedachte hou ik de moed er tegen beter weten in. De kar raakt steeds gevulder, maar het zijn de alledaagse artikelen. De koekjes afdeling brengt ook geen verlichting. Ik raak een beetje in paniek en speur zelfs de non-food en parfumerie afdeling tot het laatste rek af. Joke heeft echt wel meegezocht maar is minder betrokken want zij mijdt al jaren lekkernijen in verband met haar gezondheid. Dan ben je toch minder gemotiveerd. Het beste alternatief is een verpakking met vier muffins. Gevuld met chocolade, dat dan nog wel. Maar gebak ontbreekt volledig in het assortiment.

Onze toerwagen rij ik naar een rustig plekje. De stoelen naar buiten. Net even na elven start het feestelijke koffiemoment. Ik met een muffin, Joke met een minuscuul stukje koek. Voor zo'n mooie dag als vandaag heb ik een mooie standplaats opgezocht. In Marina di Chieuti parkeer ik het woonpaleis strak tegen de kust met vrij uitzicht over de zee. Hier krijgt de dag een mooi vervolg. Helaas is ook de wind enthousiast over onze komst en zet een tandje bij. Eerlijk gezegd was dat voor ons niet nodig geweest.

Het is lastig zo de meest prettige positie te vinden; in de wind en uit de zon, in de zon en uit de wind of toch een mix van allebei. De herrie van de branding en de harde wind, maakt communiceren lastig, zodat Joke de lieve woordjes die ik haar toe fluister, niet binnen krijgt. Ook haar proza weet mij niet te bereiken. We doen het er maar mee. Vlakbij onze tijdelijke woonplek staat een aangeprezen restaurant. We wandelen knus langs de kust er naar toe. Een tafel voor twee, met royaal uitzicht op de zee. Als hoofdattractie krijgen we de ondergaande zon. Een prima maal ronden we af met een heerlijk toetje. Mijn lief gunt haarzelf ook deze versnapering zodat we toch heerlijk zitten te smullen bij een oranje hemel, waar de zon net ten onder is gegaan.


Zaterdag 25 juli

Halverwege de ochtend valt het besluit, dat we gaan opbreken. Het is zondermeer een schitterende plek, pal aan zee. Al voor wij aan opstaan denken, spartelen de eerste daggasten alweer tussen de golfbrekers. Maar we hebben een missie. We willen Griekenland bereiken. De boot vertrekt volgende week woensdag met of zonder ons. Onze voorkeur is duidelijk, we zien onszelf graag aan boord. Vanaf hier is het vier dagetappes zo van rond een uur. Dat is een prettig ritme. Wij rijden een stuk, maar hebben ook nog wat aan de dag om allerlei aardige dingen te doen.

Niet veel later toeren we weer over de ss16. Het wegdek is in eerste instantie goed te noemen. Het rammelt, maar niet heftig. Ik laat me door het eentonig voort zoeven in een soort van tranche brengen. Plotseling, vanuit het niets, verandert de weg van type wegdek. Van creme wit naar echt zwart. Het redelijk gladde is getransformeerd naar de vorm van een ouderwets wasbord. In 1 klap ben ik uit mijn droomwereld. Ik rem uit alle macht, hoewel de snelheid best meeviel van zo rond de zeventig. Het ergste moet nog komen. Het wasbord is op, het vervolg heeft iets weg van een uitgegraven sloot. Met een harde bons is de Nibi aan het eind van z'n veerkracht. Vervolgens zwiept de achterkant zowat een meter omhoog.

Alles wat niet muurvast staat verankerd, begint te zweven. Ik kan jullie zeggen, dat is vrijwel alles. Aan dat vrij bewegen komt ook een eind, want de zwaartekracht doet zijn werk. Angstig omklem ik het stuur in de verwachting dat de wagen gaat waggelen. Tenminste 1 van de wielen zal toch ernstig zijn vervormd, is mijn te snelle conclusie. Joke is ondertussen ook weer terug in haar stoel gekropen. Het technische deel blijkt deze brute aanval wonderwel te hebben doorstaan. Het rijdt nog, geen rare geluiden, geen gekke bewegingen. Joke doet een voorlopige opname van de schade intern. In de hangkasten is niets meer wat nog hangt. Er loopt geen lastig herkenbaar vocht uit de koelkast. Met de nodige voorzichtigheid rijden we door naar de eindbestemming in Lucera.

Mijn lief doet de kastjes in het woongedeelte, ik ontferm mij over de garage. De scooter ligt half onderuit gezakt tegen de zijkant. De golfkar heeft een andere positie en ondersteunt nu onbedoeld het gemotoriseerde rijwiel. Wandel en golf schoenen zijn door de hele ruimte verspreid en de inhoud van de bak onder de buddyseat heeft zich daar bijgevoegd. Maar verder valt het mee. Ook Joke geeft het sein op groen.

Een immense kasteelmuur sluit het hele uitzicht naar voren af. Een ronde toren steekt op het hoekpunt daar nog eens ver bovenuit. Onze nieuwsgierigheid is gewekt. We sluiten de camper af en gaan op onderzoek. Een smalle voetbrug leidt ons over een diepe gracht zonder water. De poort is half open en we dringen de vesting binnen. Een enorme groot binnenterrein is het eerste wat ons opvalt. Terwijl wij ons nog staan te oriënteren, komt er uit een soort schaftkeet, die ook op het terrein staat, een paar onduidelijke Italiaanse kreten. Aanvankelijk besteed ik er geen aandacht aan, maar als een manspersoon eruit te voorschijn komt en het duidelijk wordt, dat het roepen voor ons is bedoeld, verandert dat de situatie.

We lopen naar hem toe en zien het baasje druk wijzen naar meerdere kanten en geeft daarbij in onnavolgbaar Italiaans uitleg. Hij sleept ons mee zijn hut in. Beide krijgen we een achterhaalde ansichtkaart in de hand gedrukt. Duim en wijsvinger worden over elkaar heen gewreven en uit de bijgeleverde tekst met zowel Duitse als Italiaanse woorden maak ik op dat er betaald moet worden. De schade valt mee. Drie euro per persoon. Grote funderings resten en Romeinse zuilen, die her en der lggen maken duidelijk dat de burcht betere tijden heeft gekend. De hoektoren is te betreden en daar wordt in een video getoond wat hier ooit heeft gestaan. De wandeling langs de buitenzijde van de muren laat zien hoe kolossaal en degelijk deze fortificatie eeuwen geleden is neergezet.

Het is etenstijd en ik hoor Joke een ingehouden gilletje produceren. Snel neem ik polshoogte. De echt hard werkende koelkast heeft de gisteren gekochte zak sla niet eetbaar kunnen houden. Nu dreigt de uitgedachte maaltijd in het water te vallen. De winkels zijn nog wel open, schat. Ik haal wel een vers pak sla op. Inspectie van de plattegrond leert dat alle supermarkten zich aan de andere kant van de best wel grote plaats bevinden. De scooter, inmiddels weer netjes in de spanbanden, komt nu weer gelegen. Met de route in mijn hoofd opgeslagen kom ik bij een andere winkel uit dan bedoeld. Maar ook deze heeft sla. Zonder foute afslagen weet ik de camper weer terug te vinden. Niet veel later genieten we van een heerlijke salade, waarbij een zacht en koel roseetje is geserveerd


Zondag 26 juli

De horizon is breed. De grote vlaktes laten zich gemakkelijk bekijken. Veel fruitteelt valt op ten opzichte van gewone landbouw. Met het sturen moet ik zeven paar ogen hebben. Een paar houdt doorlopend de weg voor mij in de gaten. Ieder moment kan er een krater opduiken, waar je niet in terecht wilt komen. Na gisteren hebben wij onze portie wel gehad. Een ander paar loert continue in de zijspiegels. Als het nodig is om snel naar links te zwenken, is het natuurlijk zonde als daar net een oud vrouwtje mij aan het inhalen is. Het derde paar heb ik nodig voor de stoplichten. Het maakt ook in Italië groot verschil of dat op rood staat of op groen. Het vierde paar kijkt af en toe op het instrumentenbord. Een rood lampje moet je tijdig signaleren. De overige paren kunnen bijspringen als het te druk wordt. Hun basisopdracht is op te letten of er verkeer van de overige wegen komt.

Het leidt geen twijfel dat wij ons in Zuid Italië bevinden. Misschien klinkt het ongelooflijk maar daar ben ik niet een atlas voor nodig om het te constateren. Slechts drie punten hoef ik maar af te vinken. Ten eerste kijk ik naar de kwaliteit van het wegennet. Deze dient echt belabberd te zijn. Af en toe een iets beter stukje maar zodra ik denk, dit gaat er op lijken, behoort de camper weer flink te gaan rammelen. Het tweede zijn de parkeerhavens langs de weg. Hierop is nauwelijks ruimte voor een pechgeval, want Zuid Italianen gebruiken deze als openbare vuilnisbelt. Het derde punt gaat over de vaak in bikini geklede jonge vrouwen, die in ruim voldoende mate zich in de wegberm ophouden onder een parasol. Hun taak is het behagen van met name mannelijke chauffeurs, die een stressvol leven leiden en een beetje ontspanning goed kunnen gebruiken. Uiteraard dient de dienst volgens geldend tarief afgerekend te worden.

De nachtstop doen we vlak bij Molfetta. Deze officiële camperplaats blijkt toe te behoren aan een gigantisch groot Outlet-centrum. In de middag uren houden we ons koest in de schaduw van de luifel. Beide hebben we wat dingetjes te doen, teminste als het bekijken van een romantische serie daar onder valt. Ik moet wat achterstallig werk aan beeldmateriaal uitvoeren. Na het eten is het wat koeler. Voor ons een ideaal moment om toe te slaan. Overigens is de autostroom van de doorgaande weg naar het parkeerterrein de hele middag en avond niet gestopt. We verwachten dan ook ons een pad naar binnen te moeten slaan, maar dat valt reuze mee. Het centrum is zo omvangrijk dat we het toegestroomde volk niet weer terug vinden.

Het geheel is in sprookjesachtige sfeer opgezet. De panden kennen een grote diversiteit aan bouwstijlen. Het is hier alweer vroeg donker, maar dat is nu een meevaller. De verlichting is prachtig geharmoniseerd met het thema. Lichtsnoeren zijn stijlvol weggewerkt in het groen en langs de gevels. Joke komt vaker in een dergelijke omgeving dan ik. De meeste aanbieders heeft ze wel van gehoord of in enkele gevallen wel iets van gekocht. Ik kom niet verder dan C en A en die zijn hier niet. We dwalen het hele gebied door en overal is het gezellig druk. De spaarzame terrassen doen goede zaken. Een bijzonder ding wat opvalt is hoe smerig en bevuild de openbare ruimte ook is, dat geldt niet voor dit paradijs. Behalve de prachtige inrichting is het ook heel schoon en netjes. Zelfs het parkeerterrein is heel ordelijk en leuk aangeplant. Marketing technisch zou ik zeggen 'dom', want de bezoekers krijgen geen herkenningspunt op deze manier. Maar op een wonderlijke en onnavolgbare manier heeft een dergelijke omgeving juist aantrekkingskracht op de lokale bevolking.


Maandag 27 juli

Langdurig op reis zijn, brengt allerlei zaken met zich mee, die er niet waren geweest, als we twee weken in Appelscha hadden gekampeerd. Een typisch voorbeeld hiervan is de was. Na drie weken begint de verse voorraad kleding, handdoeken en lakens op te raken. Daarentegen zien we de wasmand naar zijn maximum niveau groeien. Woensdag zitten we op de boot en wanneer we bij de Grieken aankomen, willen we dat niet met onze vuile was doen. Er zit dus niets anders op dan vandaag de bezwete t-shirts en het overige niet frisse spul in een wasmachine te stoppen.

Gisteravond heb ik alles uitgebroed. In de plaats Polignano is een parkeerplaats niet ver van een wasserij. Op onze route passeren wij dit punt. Deze gegevens combineren levert de conclusie op dat hier onze was gedraaid gaat worden. Direct na ontbijt vertrekt de Nibi. Ik zit weer overgeconcentreerd achter het stuurwiel, Joke denkt na over in welke volgorde ze het goed in de machine wil proppen. Het plan werkt. We nemen de juiste afslag, het parkeren gaat ook vlot. De zware wastas komt netaan door deur.

Beide aan een kant zeulen we het ding door de straten. Het is al weer aardig op temperatuur, waardoor het shirt wat ik draag eigenlijk ook direct mee kan de was in. Moe, maar voldaan arriveren we op het juiste adres. Joke tuurt door het raam en merkt op; vreemd, in de ruimte staat helemaal niets. De deur is zwaar vergrendeld. Het enige wat nog aan de eerdere functie herinnert, is de poster met een lachende wasvrouw. Wij lachen niet. Achterhaalde informatie op P4N. Voor nu hebben we geen andere keus dan de boel weer meenemen naar het woonmobiel. De koffiepot heeft als taak ons weer de teleurstelling te boven laten komen. Dat lukt wonderbaarlijk. Ik snuffel weer in de data en vind warempel nog een tweede wassalon op anderhalf kilometer. Joke laat mij even overwegen of we dat te voet willen doen. De uitkomst laat zich raden.

Hoopvol om weer een parkeergelegenheid te vinden bij het alternatieve washok, rijden we door de nauwe straatjes van het Italiaanse stadje. Door handig manoeuvreren en een beetje brutaliteit weet ik de woonwagen op een klein pleintje in een hoek weg te drukken. De verplaatsing van de waszak gaat over een aanzienlijk kortere afstand dan poging 1. Het geluk lacht ons toe. De salon is open, er zijn machines vrij, zelfs een hele grote waar we zo het drie weken opgespaarde textiel in kwijt kunnen. Maar dan moet de wasser nog aan. Veel Italiaanse instructies, maar gewoon op een klein A-viertje gelukkig ook in het Engels. Negen euro verdwijnt in de gleuf, het programma kan worden uitgezocht, om daarna de startknop in te drukken. De laatste twee punten doen we omgekeerd. Hierdoor heeft het programmeren geen betekenis meer. Onze was krijgt dezelfde behandeling als die van de vorige gebruiker. De machine draait, zeepsop verschijnt in het venster en het water is warm.

Na 30 minuten zullen we weten of het overhaast indrukken van de startknop nog gevolgen heeft. Het tweede kopje koffie doodt de wachttijd. Inspectie levert geen verdachte effecten, de boel wordt overgeplaatst in een turbodroger, waar nu wel de juiste startvolgorde wordt gehanteerd. Netjes opgevouwen in de wastas breng ik de buit weer naar de camper. We rijden naar een prachtig plekje bij Monopoli. (Echt waar, zo heet deze stad) Een vrij en open terrein, direct aan de zee. Een heerlijke verkoelende wind, een schitterend uitzicht over de Adriatische Zee en diverse bootjes die voorbij komen varen. We maken nog even een korte wandeling naar een mini strandje. Meer is er voor de stad niet voor handen, de rest bestaat uit een rotskust waar het zeewater spectaculair hoog op uiteen spat.


Dinsdag 28 juli

Vandaag wacht de slotetappe in Italië. Wakker worden doen we op de fantastisch mooie plek in Monopoli. De zee is een stuk kalmer dan een dag geleden. We hebben geen haast om weg te komen, daarom zet ik het buitenterras onder de luifel voor nog een paar uur genieten. Dan zet ik het woonpaleis in beweging. De motor krijgt niet echt de gelegenheid om warm te draaien, want na een kilometer parkeren we om de boodschappen aan te vullen. Als we later toch de stad uitrijden zie ik een dieselprijs van 2,01. Ook nu mag ik maar 50 liter tanken. Waarom ze zo beknepen doen is mij niet duidelijk. Ik rij er geen kilometer minder om. Als de indicatie meter weer in het rood dreigt te komen, vullen we gewoon weer bij. Ik vermoed dat alle andere weggebruikers net zo handelen. Iemand zal blij moeten worden van deze rantsoenering, anders is het wel erg zinloos.

Opnieuw biedt de ss16 ons ruim baan naar het zuiden. De Nibi spint van genoegen. Een tankstation laat via een groot uithangbord weten dat ze GPL kunnen leveren. Toch nog maar eens een poging wagen, knipoog ik naar Joke. Perfect naast de slang komt de wagen tot stilstand. Geen bediende te zien, alleen een enthousiaste Italiaan die mij trots zijn Marco van Basten tattoe laat zien op z'n bovenbeen. Of ik hem persoonlijk heb gekend? Oke, we komen uit een klein land maar er wonen meer mensen dan alleen onze buren. De juiste adapter schroef ik aan de invoer en koppel de gasslang aan. Wanneer ik op de startknop wil drukken, springt er een andere persoon plots ertussen. Relax, ik ben de bediende, dit werk hoor ik te doen. Toegegeven, dit is een vrije vertaling van zijn woorden, maar ze geven goed de kern van zijn boodschap weer. Ach, nee, niet weer een bediende die komt uitleggen dat LPG leveren aan campers verboden is, schiet door mij heen. Onterecht, want de man geeft alle medewerking.

Met twee volle gasflessen zetten we nu definitief koers naar Brindisi, onze laatste halteplaats in Italië. Op de officiële camperplaats is nog net een plekje. Aanvankelijk lummelen we wat rondom het parkeerterrein, maar tegen vijven trekken we goed gekleed de stad in. Het historische centrum verrast ons met mooie doorkijkjes, prachtige gebouwen en sfeervol ingerichte lanen. Het plan is om een echte Italiaanse pizza te eten. Het is nog te vroeg om het uitgezochte establishment te betreden. Daarom maken we wat meer meters in het fraaie stadshart. Al dwalend komen we bij de haven uit. Grote en kleine schepen lijken doelloos rond te varen. Het zeewater klost tegen de havendam. Een heerlijke zeebries maakt de temperatuur een stuk aangenamer.

Eigenlijk zouden we hier een tafeltje moeten vinden, laat ik Joke weten. Nog geen tien tellen later wijst ze op een iconisch uithangbord; ristorante & pizzeria. We nemen bescheiden een tafel voor twee aan de waterkant. Bij de eerste avondgasten behoren, heeft z'n voordelen. De ober is zeer vriendelijk en correct. Hij plaatst een stoel extra waar mijn lief haar tas op kan zetten. We bestellen ieder onze eigen favoriet. Met een biertje en wijntje erbij beleven we een heerlijk avond in deze havenplaats. Morgen vertrekken we om half tien naar de veerboot. Om 13.00 uur is dan de afvaart.


Woensdag 29 juli

Ongewild zijn we al vroeg in de veren. De op stapel staande zeereis zorgt voor voor meer onrust, dan ik wil toegeven. Het is een soort vrees dat ik denk de boot wel eens te kunnen missen. De camperplaats biedt alles wat een reiziger graag ziet. De watertank vul ik weer tot het randje, zwart- en grijs water klotst naar een verder bestaan in het riool. We zijn er meer dan klaar voor, daarom rijden we richting haven. Het is daar, zoals in zuid-italie valt te verwachten, een georganiseerde chaos. We passeren een groot bord met daarop een pijl en het woord 'tickets'. Wie dit door overijver over het hoofd ziet, krijgt verderop in het proces ongetwijfeld enige last. De slagboom van het aangewezen terrein zit dicht.

Nadat de camper aan de kant van de weg een plek heeft gekregen, stap ik manmoedig langs de afsluiting en ontwaar ik inderdaad meerdere loketten. Ik sluit achteraan in de Grimaldi-rij. Zo heet onze vervoerder, vandaar mijn keus. Na zo'n tien minuten, als ik wat ben geacclimatiseerd en om me heen begin te kijken, zie ik een afbeelding van een grote vrachtwagen boven het loket. Als ik vervolgens mijn medewachters onder de loep neemt, valt ineens het kwartje. Enige paniek maakt zich meester van mijn gedachten. Nu had ik al eerder een tweede Grimaldi-loket ontdekt met een bewegend persoon, maar daar staat niemand voor en dat leidt dan tot de onjuiste conclusie, dat dit loket niet terzake doet. De plek van de vrachtauto wordt hier ingenomen door een personenauto. Weer overvalt mij een 'aha-erlebnis'. Ik meld mij bij het laatst ontdekte loket en wordt keurig geholpen. De digitaal toegestuurde tickets worden geruild voor tastbare exemplaren.

Als we weer verder rijden, staan op verschillende punten medewerkers tegenstrijdige aanwijzingen te geven. Joke lost de puzzel op en zo komen we op een groot parkeerterrein te staan in de buurt van de monster veerboot, die we al die tijd al hadden zien liggen. De zekerheid stellende check bij de meneer met hesje, bevestigd onze keuze. Inmiddels komt uit de afgemeerde veerboot een onophoudelijke rij vrachtwagens, met soms een personenauto of camper afgewisseld. Een klein uur gaat dit door. Langzaamaan krijg ik een aardig beeld van het laadvermogen. Dan is het de beurt aan de opstap passagiers. Eerst begint ook hier weer eerst een colonne vrachtrijders, uiteindelijk krijg ook ik een seintje van de regelaar.

Op het schip gekomen moet ik de Nibi tweemaal een erg steile oprit laten nemen om zo op het bovendek voor auto's uit tekomen. Een niet al te grote, maar wel een gezette, medewerkers staat met z'n armen te zwaaien. Samen denken we na over de oplossing. Keren en achteruit op de aangewezen baan, is onze, niet correcte, slotsom. Langzaam laat ik de reiswagen achteruit rollen. In de veronderstelling dat anderen gaan aansluiten, blijf ik naar achteren gaan, totdat een angstige harde knal de camper met een schok tot stilstand komt. Verschrikt kijken we elkaar aan. Op het scherm was niets van een obstakel te zien. De klap heeft ook de te dikke regelaar bereikt. Driftig wijst hij een laan aan waar al meerdere gekeerde voertuigen keurig opgesteld staan. Ik sluit trilkend van verontwaardiging aan bij mijn voor buurman. Ons rijdend woonhuis staat op z'n plek, wij kunnen naar boven. Eenmaal buiten zien we wat blauwe verf op de bovenkant van de achterzijde. Deze komt overeen met de blauwe verf van een overhangende balk op de achteraf onjuiste laan waar ik eerst vertoefde. We schatten het als niet ernstig in. Een poetsbeurt herstelt de fout wel, is onze gezamenlijke conclusie.

Wat volgt is een schitterende zeereis. We kiezen voor het bovendek, waar frisse lucht en prachtig uitzicht samengaan. De rugtas met versnaperingen helpt ons de middag door. 


We trekken hierna drie weken door het prachtige Griekenland.

Op 23 augustus rijden we Bulgarije binnen. Enkele dagen later krijgen we een ongeluk, wat een abrupt einde van deze reis betekent.